zondag 23 augustus 2026

Aan zee

Dit is de vijfde zomer zonder mijn lief en van voorgaande zomers wist ik dat ik de zomer lastiger door vond komen dan de andere jaargetijden. Dat komt omdat in de zomer je veel meer geconfronteerd wordt met je verlies omdat je veel meer buiten bent en buiten zie je andere stellen. Je ziet ze samen fietsen of samen zitten lunchen of je hoort het in de tuinen in de buurt als je in je eigen tuintje zit. 

Daarom zag ik een beetje op tegen weer een zomer want het is gewoon harder werken sinds Magere Hein is langs geweest en mijn wereld met zijn seis onderste boven heeft gehaald. Maar goed van harder werken wordt een mens niet slechter en omdat ik wist hoe het de vorige zomers voelde was ik beter voorbereid. Én heb ik deze zomer weer iets geleerd. 

In juli stond ik op een zaterdagmorgen goed op, maar na een uurtje sloeg de rouw in als een bom. Dat gebeurt soms nog en dat is prima. Ik geef die rouw dan een stoel, vraag of hij koffie wil en ga er dan zelf maar even bij zitten in mijn rouwtuin en dat helpt doorgaans goed om hem ook weer op te laten krassen. Hij is welkom en hoort bij mijn leven, maar hij mag niet zo lang meer blijven want er zijn nog meer dingen te doen. 

Maar op die morgen wilde het niet zo vlotten met wat wílde ik dan doen? Het was mooi weer en ik moest nog boodschappen doen, waar ik geen zin in had. Wat dan wel? Waar had ik nu zin in? En ineens viel het kwartje, het was aan mij omdat te beslissen en het ook te gaan doen. 

Dat klinkt een beetje gek, maar als je je grote liefde verliest dan moet je op een gegeven moment ook uitvinden wie je zelf eigenlijk bent. Wie ben je in deze nieuwe fase van je leven? Ik had nooit eerder alleen gewoond, want vanuit mijn ouderlijk huis ben ik gaan samenwonen, zijn we getrouwd, kwamen onze kinderen, waren we er net aan gewend dat het nest weer leeg was en hadden we het samen goed. 

Dat was een heerlijk leven, maar wel een leven waarin ik altijd rekening moest houden met andere mensen, wat logisch is en waar wat ik nu eigenlijk wilde niet de hoofdvraag was. Dat was in al die jaren ook helemaal prima geweest. Maar op die zaterdagmorgen kwam het besef dat ik nu, in deze fase van mijn leven, precies mag doen en laten wat ik helemaal zelf wil. Ik hoef met niemand rekening meer te houden. Al wil ik een hele dag in bed blijven of een hele dag lezen of zomaar de trein pakken naar Zwolle om daar een boek te gaan kopen, het kan allemaal. Als ik het zou willen. 

En die zaterdag wilde ik naar zee! Naar zee om naar de golven te kijken en te luisteren. Dat heb ik die dag uiteindelijk niet gedaan, want ik zag weer beren (files en parkeerplaatsen) op de weg, maar heb die middag wel de hele middag in de tuin zitten lezen zonder verder iets nuttigs te doen. 

Ook ben ik die week erna op zomaar een doordeweekse avond na het werk gaan zwemmen toen het zo warm was.  En ik boekte een nachtje weg aan zee in een leuk hotel met een kamer met zeezicht. En zo kwam het dat ik gister in mijn fordje stapte en naar de kust reed. Na het inchecken in het hotel liep ik de straat uit naar de zee en kreeg een bui op mijn kop. Dat was een goed begin, maar na een lekkere kop koffie en een broodje in een strandtent werd het droog en liep ik in de zon langs de vloedlijn met de wind door mijn haren en het ruisen van de branding in mijn oren. 



Vanmorgen werd ik wakker met uitzicht op zee  en na een vorstelijk ontbijt maakte ik opnieuw een strandwandeling. Toen het tijd was om weer naar huis te gaan kreeg ik opnieuw een bui op mijn kop, maar dat mocht de pret niet drukken. 

De zomer loopt al aardig op zijn eind, maar ik ben haar goed doorgekomen met een mooi leerproces. 

Het was heerlijk aan zee!