Doorgaans ben ik een vredelievend mens! In het verkeer gedraag ik me als een dame, echt ook al word ik zowat van de weg afgedrukt ik zal nimmer boos toeteren of mijn middelvinger opsteken. Wil er iemand in de file op het laatste moment invoegen, zodat hij/zij niet een uur in de rij hoeft te staan, ik laat hem of haar ertussen. Ik ben echt de beroerdste niet.
Ook in een winkel zal ik niet in woede uitbarsten als er iemand voordringt en snel boos zul je me niet krijgen.
Maar........
Woest kan ik worden als ik s'avonds net in mijn warme bedje lig, de ogen al een beetje geloken zijn en op het punt sta (of lig) een beetje weg te doezelen en er gaan een aantal mensen op straat een kletsverhaal staan houden. Geluid dringt s'nachts veel verder en als ze dat net onder mijn raam doen dan klinkt dat alsof er een versterker aanstaat. Niet fijn en niet handig.
Toch heb ik ondervonden dat het maar beter is om je tandenknarsend onder je dekbed en je kussen te begraven dan er iets van te zeggen. Toen ik een tijdje terug het raam opengooide en heel hard sssttt sssttt riep viel dat volledig in verkeerde aarde. De jongelui die stonden te ouwehoeren waren vies beledigd omdat ze dachten dat ik kssst kssst riep. Boos riepen ze dat ze geen honden waren.
Tja en dan moet je naar beneden om daar aan de deur je excuses aan te bieden en natuurlijk heb je niet net je meest mooie pyjama aan. Nee altijd net dat oude kreng waar je er niet in uit ziet, sterker nog niet dood in gevonden wil worden, maar die wel het allerlekkerste zit. Enfin, uitgelegd dat je geen hond wilde wegjagen en dat ze best mogen praten en lachen, maar niet onder mijn slaapkamerraam omdat ik wil slapen en of ze dus ZACHTJES willen doen.
Die jongelui, je overbuurjongens, liggen natuurlijk in een deuk om jouw vertoning en aanvaarden je excuses en beloven ook zachtjes te doen, wat ze prompt weer vergeten en je zoekt je bed weer op. Dan duurt het nog uren voor je eindelijk de slaap vat.
Tussendoor schrik je nog even op uit een sluimer van loeiende sirenes, want als je zo dicht tegen een grote stad aan woont is het ook s'nachts nooit helemaal stil. Waarom de brandweer s'nachts trouwens door een dorp met loeiende sirenes moet rijden terwijl er geen kip op straat is is mij een raadsel, maar dat zullen die brandweerjongens wel gewoon leuk vinden.
Uiteindelijk val je in slaap en schrik je je te pletter van de wekker die voor je gevoel veels te vroeg af gaat. Zo'n nacht moet je dus niet te vaak hebben en eerlijk is eerlijk soms is het heerlijk als het tegen bedtijd plenst van de lucht want dan weet je zeker dat er niet geouwehoerd wordt op straat.
Dat zijn de avondgeluiden en de nacht. Nu is er een nieuw fenomeen bijgekomen. De bellende fietser om pak em beet zes uur in de ochtend. Ja echt ZES uur. Je hoort hem in je slaap al van verre aankomen. De fiets loopt een beetje aan en er wordt keihard gebeld. Daarbij bedoel ik niet dat de fietser continu met zijn fietsbel klingelt, nee hij belt met een telefoon. Deze man, komende uit een ver buitenland blèrt keihard in zijn telefoon en dat klinkt als een taal uit een Afrikaans land (dat weet ik niet zeker want mijn talenkennis reikt niet zo ver en zeker niet om zes uur in de ochtend). Hij praat heel hard en daar word ik wakker van. Ver voordat mijn wekker gaat.
Daar wordt ik pisnijdig van want om dat uur wil ik nog slapen. Hoe ga je zo'n man op zo'n fiets dus ook duidelijk maken dat het wat zachter moet. Om die man dat te vertellen moet ik dus dik voor zessen mijn bed uit, douchen en aankleden want anders schrikt hij zich rot van mijn pyjama, en dan aan het begin van de straat gaan zitten wachten tot hij komt. Hij komt echter niet elke morgen dus de kans is aanwezig dat ik dan voor niks zit te wachten. Ander probleem is dat ik zijn taal niet beheers en dat ik dus geluk moet hebben dat hij Nederlands of Engels spreekt.
Ik heb wel eens gedacht om een emmer water naast mijn bed te zetten en dat uit het raam te werpen op het moment dat hij langs belt. Eh fietst. Probleem 1 is dat ik niet goed kan mikken, probleem 2 is dat ik die emmer water natuurlijk vergeet als ik s'nachts naar het toilet moet en dus of de emmer omgooi of er instap. Dat is beide niet handig. Ook is het natuurlijk helemaal niet aardig om iemand nat te gooien en zijn telefoon te verdrinken. Geen optie dus.
Ik ben bang dat de enige optie verhuizen is naar het platteland. Maar daar heb je weer andere geluiden en dan moet ik alleen want ik krijg mijn man met geen tien paarden naar het platteland. Eens een stadsmens, altijd een stadsmens. Nee het leven is soms helemaal niet eenvoudig. Zucht.......
woensdag 16 september 2015
zondag 13 september 2015
Kokoskoeken ipv kransen
Ik was dus niet in het bezit van glucosestroop en daarom neusde ik maar eens rond op het wereldwijdeweb voor een ander recept. Nou daar waren er plenty van. Van simpele recepten met alleen kokos, eiwit en suiker tot uitgebreidere recepten waar ook meel en boter aan te pas kwam naast alle eerdere genoemde ingrediënten.
Ik kocht in de supermarkt een zakje kokos omdat ik een recept had gevonden van kabeljauw in repen gesneden en ge paneerd in kokos. Dat leek me wel een fijn recept voor komende week. Zo'n zakje kokos is dan natuurlijk teveel en ik bedacht op dat moment dus dat ik van de rest wel kokoskransen kon bakken. En zo geschiedde!
Uiteindelijk gebruikte ik het recept wat achter op het zakje kokos stond. Zie het resultaat op de foto. Het zijn koekjes geworden en geen kransen. Ze zien er uit als kleine pannenkoeken maar ze smaken wel lekker.
Nee voor de echte kokoskransen van Jannie en Robert moet ik toch achter glucosestroop en ouwel aan. Nu ga ik binnenkort met mijn nichtje van 11 naar een mooie, grote kookwinkel in Hilversum, want mijn nichtje heeft bedacht dat ze later een eigen kookwinkel wil beginnen en daarom heb ik haar een middagje snuffelen in een van mijn favoriete kookwinkels beloofd. Ze hebben daar een hele grote bakafdeling en zullen ze me vast aan glucosestroop en ouwel kunnen helpen.
Zo en nu ga ik een fijn kopje koffie zetten voor mijn echtgenoot en mezelf en hem eens trakteren op een eigengebakken koekje! En vanavond weer opnieuw genieten van Martine, de negen overgebleven bakkers en Jannie&Robert!
zaterdag 12 september 2015
Zien bakken doet bakken
Helaas kon ik zondagavond niet naar de eerste aflevering van Heel Holland Bakt kijken want we hadden visite en om die nu te vragen om een uur hun klep te houden, omdat ik zonodig moet genieten van Martine en alle baksels gaat wat ver. Gelukkig hebben we een opneem apparaat en heb ik een echtgenoot die dat ding goed kan bedienen. Met het schaamrood op de kaken zal ik maar bekennen dat ik van dit soort apparatuur geen snars begrijp. Geef me een goede oven, een mooie keukenmachine en ik bestudeer de handleiding alsof het mijn lievelingsroman is, maar andere elektronische zaken kunnen me niet boeien.
Gisteravond hadden we pas tijd om de aflevering van zondag terug te kijken. En wat was het weer genieten. Martine met haar nuchtere opmerkingen en schitterende mimiek, de 10 bakkers en Jannie en Robert natuurlijk. Zien eten doet eten zegt men weleens en dat geldt voor bakken eigenlijk net zo. Zien bakken doet bakken dus vatte ik het plan op om de kokoskransen uit het programma zelf eens te bakken. Dus toen ik vanmorgen door de supermarkt liep werd spontaan het plan geboren omdat op deze zaterdagmiddag eens te doen. Zo'n zaterdagmiddag waarop de zon niet schijnt, het ook niet regent en waar dus eigenlijk niet zo veel aan is. Zo'n middag wordt dan behoorlijk opgeleukt door een beetje rommelen in de keuken met als resultaat iets lekkers, waardoor je gezin je de hemel inprijst. Of niet natuurlijk.
Helaas was er bij onze grootgrutter geen velletje ouwel te bekennen en dat is toch echt niet een lullig winkeltje. Maar zo bedacht ik, dan spuit ik die rondjes gewoon op een velletje bakpapier en dan eten we ze zonder ouwel. Kan ons het schelen. Handiger is natuurlijk ook om voor dat je boodschappen gaat doen het recept te bestuderen, want toen ik dat bij thuiskomst deed bleek dat Janny en Robert glucosestroop gebruiken en dat heb ik natuurlijk niet in voorraad. Probleem 1. Probleem 2 was dat de oven gruwelijk vies bleek.
Tijdens de vakantie heeft zoonlief nogal eens een pizza in de oven geschoven en dat op het rek gedaan in plaats van op de bakplaat waardoor er nogal veel lekkage was en de bodem van mijn mooie oven bekleedt was met een soort van pizzadrek. Jakkes. Eerst maar eens de oven schoonmaken. Daar gaat je mooie serene zaterdagmiddag met je kokoskransen bakken denkt u nu natuurlijk. Maar niets is minder waar.
Mijn oven heeft namelijk een zelfreiningstand. Alle rekken en rekhouders dienen te worden verwijderd, de losse kruimels en aangekoekte pizzastukken eveneens, deurtje dicht en oven op de juiste stand en hup reinigen maar. Over twee uur is de binnenkant van mijn oventje weer maagdelijk lichtgrijs alsof er nooit maar dan ook echt nooit een pizza heeft liggen bakken, laat staan lekken.
Jammer alleen is wel dat het in huis een beetje gaat ruiken of er twintig bedorven pizza's verbrandt worden. Dat ruikt heel vies, maar voor een echte lekkere kokoskrans moet een mens wat over hebben.
Wordt vervolgd!
Gisteravond hadden we pas tijd om de aflevering van zondag terug te kijken. En wat was het weer genieten. Martine met haar nuchtere opmerkingen en schitterende mimiek, de 10 bakkers en Jannie en Robert natuurlijk. Zien eten doet eten zegt men weleens en dat geldt voor bakken eigenlijk net zo. Zien bakken doet bakken dus vatte ik het plan op om de kokoskransen uit het programma zelf eens te bakken. Dus toen ik vanmorgen door de supermarkt liep werd spontaan het plan geboren omdat op deze zaterdagmiddag eens te doen. Zo'n zaterdagmiddag waarop de zon niet schijnt, het ook niet regent en waar dus eigenlijk niet zo veel aan is. Zo'n middag wordt dan behoorlijk opgeleukt door een beetje rommelen in de keuken met als resultaat iets lekkers, waardoor je gezin je de hemel inprijst. Of niet natuurlijk.
Helaas was er bij onze grootgrutter geen velletje ouwel te bekennen en dat is toch echt niet een lullig winkeltje. Maar zo bedacht ik, dan spuit ik die rondjes gewoon op een velletje bakpapier en dan eten we ze zonder ouwel. Kan ons het schelen. Handiger is natuurlijk ook om voor dat je boodschappen gaat doen het recept te bestuderen, want toen ik dat bij thuiskomst deed bleek dat Janny en Robert glucosestroop gebruiken en dat heb ik natuurlijk niet in voorraad. Probleem 1. Probleem 2 was dat de oven gruwelijk vies bleek.
Tijdens de vakantie heeft zoonlief nogal eens een pizza in de oven geschoven en dat op het rek gedaan in plaats van op de bakplaat waardoor er nogal veel lekkage was en de bodem van mijn mooie oven bekleedt was met een soort van pizzadrek. Jakkes. Eerst maar eens de oven schoonmaken. Daar gaat je mooie serene zaterdagmiddag met je kokoskransen bakken denkt u nu natuurlijk. Maar niets is minder waar.
Mijn oven heeft namelijk een zelfreiningstand. Alle rekken en rekhouders dienen te worden verwijderd, de losse kruimels en aangekoekte pizzastukken eveneens, deurtje dicht en oven op de juiste stand en hup reinigen maar. Over twee uur is de binnenkant van mijn oventje weer maagdelijk lichtgrijs alsof er nooit maar dan ook echt nooit een pizza heeft liggen bakken, laat staan lekken.
Jammer alleen is wel dat het in huis een beetje gaat ruiken of er twintig bedorven pizza's verbrandt worden. Dat ruikt heel vies, maar voor een echte lekkere kokoskrans moet een mens wat over hebben.
Wordt vervolgd!
maandag 7 september 2015
Onbewoonbaar verklaard
De kogel is door de kerk! Of liever gezegd, de kogel gaat door onze tuin. Nou ja zo rigoreus ook weer niet want er wordt niet geschoten, maar we gaan wel geweld inzetten. De bedoeling is dat er zeker geen gewonden vallen, maar de schaar cq. zaag gaat er in!
Toen wij 22,5 jaar geleden hier kwamen wonen was het tuintje, voor ons toen tuin want we hadden een balkonnetje van een halve meter diep en een meter breed, een rommelig geval. Het is een hoekhuis en de voormalige bewoners hadden de coniferen aan de straatkant uit de grond gerukt om mee te nemen naar hun nieuwe huis in Almere en daar een paar armoedige stromatten voor in de plaats gezet. Dat was ten eerste geen gezicht en ten tweede bood het niet veel bescherming voor ongenood bezoek. Lees inbrekers!
Maar ja, de inrichting kostte ons behoorlijk wat spaargeld en het spaarvarken was niet al te vol, omdat we het jaar ervoor in het huwelijk getreden waren, zodat er voor de tuin niet veel overbleef. Gelukkig kreeg mijn vader het aanbod om bij iemand een berg sloophout weg te halen. Van dat sloophout maakten mijn vader, mijn broer en verse echtgenoot een stevige solide schutting die vele jaren zijn best deed om ons te beschermen. De weergoden teisterden hem en hij bleef fier overeind totdat ook hij moest toegeven aan de elementen en zijn leeftijd en tijdens een flinke storm een paar jaar terug toch het loodje legde. Een operatie met een aantal by-passes bleek behoorlijk effectief en zo leefde de schutting nog lang en gelukkig.
Zoals dat gaat met hoogbejaarden hebben ze vaak een steuntje nodig in de vorm van een rollator of een stok. Toen 22,5 jaar geleden de nieuwe schutting stond te stralen in de beits, zette ik er een paar klimplanten tegenaan. Links een klimroos, die het nog steeds naar de zin heeft en mij elk jaar verwend met prachtige rose bloemen en een hemels parfum en rechts een clematis die altijd een beetje armetierig bleef maar toch elk jaar dapper wat bloemetjes tentoonstelde. In het midden zette ik een klein kamperfoelieplantje, want zo wist ik met mijn lekenverstand op het gebied van tuinieren, die ruiken zo lekker. Nou lekker geroken heeft hij nooit maar bloeien kan hij (en daar zijn de bijen en de hommels intens gelukkig mee) maar groeien kan hij nog veel beter.
Die eerste jaren in ons postzegeltje deed ik maar wat, er ging wat dood, ik kocht iets nieuws en had altijd wel een tuintje vol met bloemen. Na een paar jaar had ik een mooie volle border. Wat ik die eerste jaren vooral niet deed, was snoeien. Dat vond ik zielig. Mijn kamperfoelie heeft dus dankbaar gebruik gemaakt van mijn hazehart want die groeide tegen de klippen op. Nu is zijn onderkant zo'n wirwar aan dikke stengels dat hij de andere vaste planten al heeft verdrongen. De phloxen zijn verhuisd, een roosje heeft het leven gelaten en ga zo maar door. Alleen de tuingeraniums laten zich niet wegjagen.
De kamperfoelie en de schutting hebben dus al jaren een innige relatie. Zonder de een is de ander niks en toen ook de straat begon te verzakken en de seringenboom ook een eigen leven ging leiden door bijvoorbeeld zijn armen bevallig om de schuur heen te slaan wisten mijn echtgenoot en ik dat het tijd was om eens flink te gaan sparen. Een oude sok was zo gevonden en dapper spaarden wij flink voor ons tuinproject.
Nu is het bijna zover, de hovenier is langs geweest en heeft een offerte gemaakt, die goddank binnen onze oude sok paste en nu gaat hij over precies drie weken aan de slag. Ik kan niet wachten, want dit tuinseizoen heb ik er behoorlijk de lap in laten hangen. Geen enkel vlijtig liesje kocht ik en geen afrikaantje kweekte ik op. Omkruid tierde welig. Het was aan de overgebleven vaste planten te danken dat er nog een beetje kleur in de tuin was. Samen met de hovenier hebben we een plannetje gemaakt en het gaat er allemaal, hoewel simpel, prachtig uitzien.
Toch heb ik een probleem, want het is niet niks een gelukkig huwelijk te ontbinden ook al is het in je tuin. Ook al omdat die kamperfoelie inmiddels vele bewoners heeft. Als de mussen straks terugkeren van hun zomerreces dan vinden ze geen plek meer in die struik. Daar krijg ik gegarandeerd klachten over. En wat te denken van al die spinnen die nu druk zijn met het weven van hun web en genieten van het avondzonnetje na het doen van de huishouding. Hoe ga ik ze vertellen dat ze beter kunnen verhuizen voordat hun huis vernield wordt. Nee, ondanks dat ik me erg verheug op mijn nieuwe tuintje en hoop dat er nog vele mooie nazomerdagen komen vind ik dat een lastige opgave. Maar goed, soms is het leven gewoon best zwaar. Een hazehart dus!
Toen wij 22,5 jaar geleden hier kwamen wonen was het tuintje, voor ons toen tuin want we hadden een balkonnetje van een halve meter diep en een meter breed, een rommelig geval. Het is een hoekhuis en de voormalige bewoners hadden de coniferen aan de straatkant uit de grond gerukt om mee te nemen naar hun nieuwe huis in Almere en daar een paar armoedige stromatten voor in de plaats gezet. Dat was ten eerste geen gezicht en ten tweede bood het niet veel bescherming voor ongenood bezoek. Lees inbrekers!
Maar ja, de inrichting kostte ons behoorlijk wat spaargeld en het spaarvarken was niet al te vol, omdat we het jaar ervoor in het huwelijk getreden waren, zodat er voor de tuin niet veel overbleef. Gelukkig kreeg mijn vader het aanbod om bij iemand een berg sloophout weg te halen. Van dat sloophout maakten mijn vader, mijn broer en verse echtgenoot een stevige solide schutting die vele jaren zijn best deed om ons te beschermen. De weergoden teisterden hem en hij bleef fier overeind totdat ook hij moest toegeven aan de elementen en zijn leeftijd en tijdens een flinke storm een paar jaar terug toch het loodje legde. Een operatie met een aantal by-passes bleek behoorlijk effectief en zo leefde de schutting nog lang en gelukkig.
Zoals dat gaat met hoogbejaarden hebben ze vaak een steuntje nodig in de vorm van een rollator of een stok. Toen 22,5 jaar geleden de nieuwe schutting stond te stralen in de beits, zette ik er een paar klimplanten tegenaan. Links een klimroos, die het nog steeds naar de zin heeft en mij elk jaar verwend met prachtige rose bloemen en een hemels parfum en rechts een clematis die altijd een beetje armetierig bleef maar toch elk jaar dapper wat bloemetjes tentoonstelde. In het midden zette ik een klein kamperfoelieplantje, want zo wist ik met mijn lekenverstand op het gebied van tuinieren, die ruiken zo lekker. Nou lekker geroken heeft hij nooit maar bloeien kan hij (en daar zijn de bijen en de hommels intens gelukkig mee) maar groeien kan hij nog veel beter.
Die eerste jaren in ons postzegeltje deed ik maar wat, er ging wat dood, ik kocht iets nieuws en had altijd wel een tuintje vol met bloemen. Na een paar jaar had ik een mooie volle border. Wat ik die eerste jaren vooral niet deed, was snoeien. Dat vond ik zielig. Mijn kamperfoelie heeft dus dankbaar gebruik gemaakt van mijn hazehart want die groeide tegen de klippen op. Nu is zijn onderkant zo'n wirwar aan dikke stengels dat hij de andere vaste planten al heeft verdrongen. De phloxen zijn verhuisd, een roosje heeft het leven gelaten en ga zo maar door. Alleen de tuingeraniums laten zich niet wegjagen.
De kamperfoelie en de schutting hebben dus al jaren een innige relatie. Zonder de een is de ander niks en toen ook de straat begon te verzakken en de seringenboom ook een eigen leven ging leiden door bijvoorbeeld zijn armen bevallig om de schuur heen te slaan wisten mijn echtgenoot en ik dat het tijd was om eens flink te gaan sparen. Een oude sok was zo gevonden en dapper spaarden wij flink voor ons tuinproject.
Nu is het bijna zover, de hovenier is langs geweest en heeft een offerte gemaakt, die goddank binnen onze oude sok paste en nu gaat hij over precies drie weken aan de slag. Ik kan niet wachten, want dit tuinseizoen heb ik er behoorlijk de lap in laten hangen. Geen enkel vlijtig liesje kocht ik en geen afrikaantje kweekte ik op. Omkruid tierde welig. Het was aan de overgebleven vaste planten te danken dat er nog een beetje kleur in de tuin was. Samen met de hovenier hebben we een plannetje gemaakt en het gaat er allemaal, hoewel simpel, prachtig uitzien.
Toch heb ik een probleem, want het is niet niks een gelukkig huwelijk te ontbinden ook al is het in je tuin. Ook al omdat die kamperfoelie inmiddels vele bewoners heeft. Als de mussen straks terugkeren van hun zomerreces dan vinden ze geen plek meer in die struik. Daar krijg ik gegarandeerd klachten over. En wat te denken van al die spinnen die nu druk zijn met het weven van hun web en genieten van het avondzonnetje na het doen van de huishouding. Hoe ga ik ze vertellen dat ze beter kunnen verhuizen voordat hun huis vernield wordt. Nee, ondanks dat ik me erg verheug op mijn nieuwe tuintje en hoop dat er nog vele mooie nazomerdagen komen vind ik dat een lastige opgave. Maar goed, soms is het leven gewoon best zwaar. Een hazehart dus!

woensdag 2 september 2015
Breien voor Kenia
Breien is als chocolade voor de geest dat is algemeen bekend! Niet? Nou ik vind van wel, maar ja wat moet je breien en wat doe je met die breisels. Nu is een paar sokken altijd wel lekker maar je kunt niet eeuwig sokken breien. Daarom is het zo fijn dat er soms van die brei-acties zijn. Zo heb ik al eens babymutsjes voor India gebreid en ook voor pasgeboren kindertjes in Zambia heb ik mijn best gedaan. Best een grappig idee dat er ergens op de wereld een babietje is met een door mij vervaardigde muts op het bolletje!
Het breien zelf is niet alleen ontspannend maar ook het lezen over breien is dat. Daarom volg ik een blog van de eigenaresse van een handwerkwinkel in Arnemuiden. Zij zet de leukste patronen met bijbehorend verhaal op haar blog en als ik s'avonds na een dag werken op de bank ben geland is het fijn en knus om haar blog te lezen.
In maart was ik met mijn echtgenoot in Zeeland en stond er een bezoek aan haar winkel op het programma en echt het was er net zo leuk en gezellig als haar schrijfsels en foto's deden vermoeden.
In juli deed ze een oproep aan haar lezers. Ze zocht 159 breisters om een schooltrui te breien voor leerlingen in Kenia.
http://blij-dat-ik-brei.blogspot.nl/2015/07/gezocht159-breisters.html
Via bovengenoemde link kom je op haar blog met de oproep!
Ik las het verhaal achter deze oproep en werd enthousiast. Ik heb de wol besteld in Arnemuiden en die lag een paar dagen later in de bus. Helemaal vacuum getrokken, hoe handig, dus het paste door de brievenbus. Sinds gister heb ik een truitje voor een Kenia's kind op de pennen staan. Leuk hoor.
Ja echt breien is als chocolade voor de geest. En wat nu zo fijn is door het breien heb ik helemaal geen trek in chocolade. Dat is een win-win situatie. Een kind straks een warme trui en ik een kilootje minder.
Het breien zelf is niet alleen ontspannend maar ook het lezen over breien is dat. Daarom volg ik een blog van de eigenaresse van een handwerkwinkel in Arnemuiden. Zij zet de leukste patronen met bijbehorend verhaal op haar blog en als ik s'avonds na een dag werken op de bank ben geland is het fijn en knus om haar blog te lezen.
In maart was ik met mijn echtgenoot in Zeeland en stond er een bezoek aan haar winkel op het programma en echt het was er net zo leuk en gezellig als haar schrijfsels en foto's deden vermoeden.
In juli deed ze een oproep aan haar lezers. Ze zocht 159 breisters om een schooltrui te breien voor leerlingen in Kenia.
http://blij-dat-ik-brei.blogspot.nl/2015/07/gezocht159-breisters.html
Via bovengenoemde link kom je op haar blog met de oproep!
Ik las het verhaal achter deze oproep en werd enthousiast. Ik heb de wol besteld in Arnemuiden en die lag een paar dagen later in de bus. Helemaal vacuum getrokken, hoe handig, dus het paste door de brievenbus. Sinds gister heb ik een truitje voor een Kenia's kind op de pennen staan. Leuk hoor.
Ja echt breien is als chocolade voor de geest. En wat nu zo fijn is door het breien heb ik helemaal geen trek in chocolade. Dat is een win-win situatie. Een kind straks een warme trui en ik een kilootje minder.

maandag 31 augustus 2015
Pssst....
In de vakantie liep ik voor een boodschapje even naar de plaatselijke supermarkt. Daar trof ik in het gangpad een medemoeder. Een leuk mens waarmee ik, tijdens de jaren dat onze dochters op de peuterspeelzaal en de basisschool bij elkaar in de klas zaten, een goed contact had. Samen hebben we regelmatig slap van het lachen gelegen tijdens het soppen van ettelijke puzzelstukken en allerhande zaken die in zo'n kleuterklas aan het eind van het schooljaar schoongemaakt moeten worden.
Allebei onze dochters gingen naar de Havo (weliswaar verschillende scholen) waardoor ons contact verwaterde. Jammer maar niks aan te doen. Nu kwamen we elkaar tegen in het gangpad van de schoonmaakartikelen, toiletpapier en aanverwante benodigdheden. Zoals dat gaat met vrouwen die elkaar een tijdje niet gezien hebben stonden wij een poos heerlijk te beppen. We hadden de tijd, het was immers vakantie en het was niet druk in de winkel zodat wij niemand hinderden met onze karren en gekakel in dat nauwe gangpad.
In de verte had ik haar al zien komen aanschuifelen. Een oud vrouwtje van pak em beet 1.50 meter achter een rollator. Van top tot teen in het zwart gekleed met een zwarte hoofddoek en dikke zwarte kousen. De voeten gemakkelijk in een paar oude pantoffels gestoken, kromme benen, felle ogen en en gerimpeld gelaat. De kleding klopte niet, maar het had zo mijn oma zaliger kunnen zijn. Ware het niet dat mijn oma, geboren in de Amsterdamse Jordaan, nooit van haar leven zwart droeg. Bij mijn oma kon het niet kleurig genoeg zijn. Maar dit terzijde.
Wij trokken onze karren een beetje naar ons toe om deze dame er door te laten, maar dat bleek niet de bedoeling te zijn. Terwijl wij er lustig op los kakelden bleef ze staan voor het schap met de toiletverfrissers die op de hoogste plank stonden. Ze wees met haar wijsvinger omhoog en riep psst psst. Wij, ook niet de beroerdsten, snelden toe om het begeerde artikel voor haar te pakken. Mijn gesprekspartner is wat langer dan ik en zij kon er dus het beste bij. Het had nog even wat voeten in de aarde voor de juiste bus aangegeven was, want ze wilde die van het huismerk en het moest ook nog het gewenste geurtje hebben. Logisch. Uiteindelijk was ze tevreden en ze mompelde iets waar wij klakkeloos van aannamen dat dat dank je wel was. Wij knikten en lachten nog maar eens en hervatten ons gesprek.
Dat was van korte duur want ineens klonk daar weer het psst psst. Wij keken op en wat bleek; de aangereikte bus deed het niet. Dat was niet zo raar want er zat een plastic beveilingskapje op waarvan eerst een randje losgetrokken moest worden om de bus te laten spuiten. Dat is natuurlijk niet zo handig midden in een gangpad maar hoe leg je uit in het Turks of Marokkaans of Afghaans dat het logisch is dat hij het niet doet. Dat probeerden wij door het haar te met gebarentaal uit te leggen. Dat lukte niet erg. Mevrouw keek ons aan alsof we gek geworden waren. Zo stonden wij daar tussen de toiletrollen en de luchtverfrissers te hannesen. Opeens was mijn vriendin het zat greep de huismerkbus uit de handen van de dame, zette die op de plank terug en pakte een andere bus. Dat was geen huismerk, maar spoot direct na de eerste druk op de knop. De ogen van de bejaarde dame begonnen te glimmen, de tandeloze mond vertoonde een stralende dankbare lach en na enig gemompel en vriendelijk geknik onder het flink spuiten van de luchtverfrisser, schuifelde ze naar de kassa. Ons in de wolk van luchtverfrisser achterlatend. Wij voelden ons hele pieten na onze goede daad, want wie heeft er niet van zijn moeder geleerd dat je oude vrouwtjes altijd moet helpen en gingen weer over tot het uitwisselen van de belangrijke nieuwtjes over ons kroost.
Op weg naar huis haalde ik de oude dame in en weer lachte ze vrolijk en stak haar duim naar me op. Thuis gekomen vroeg mijn echtgenoot verbaasd waarom ik zo lang weggeweest was voor dat ene boodschapje en hoe het kwam dat ik een uur in de wind stonk naar luchtverfrisser. Leg dat maar eens uit!
Allebei onze dochters gingen naar de Havo (weliswaar verschillende scholen) waardoor ons contact verwaterde. Jammer maar niks aan te doen. Nu kwamen we elkaar tegen in het gangpad van de schoonmaakartikelen, toiletpapier en aanverwante benodigdheden. Zoals dat gaat met vrouwen die elkaar een tijdje niet gezien hebben stonden wij een poos heerlijk te beppen. We hadden de tijd, het was immers vakantie en het was niet druk in de winkel zodat wij niemand hinderden met onze karren en gekakel in dat nauwe gangpad.
In de verte had ik haar al zien komen aanschuifelen. Een oud vrouwtje van pak em beet 1.50 meter achter een rollator. Van top tot teen in het zwart gekleed met een zwarte hoofddoek en dikke zwarte kousen. De voeten gemakkelijk in een paar oude pantoffels gestoken, kromme benen, felle ogen en en gerimpeld gelaat. De kleding klopte niet, maar het had zo mijn oma zaliger kunnen zijn. Ware het niet dat mijn oma, geboren in de Amsterdamse Jordaan, nooit van haar leven zwart droeg. Bij mijn oma kon het niet kleurig genoeg zijn. Maar dit terzijde.
Wij trokken onze karren een beetje naar ons toe om deze dame er door te laten, maar dat bleek niet de bedoeling te zijn. Terwijl wij er lustig op los kakelden bleef ze staan voor het schap met de toiletverfrissers die op de hoogste plank stonden. Ze wees met haar wijsvinger omhoog en riep psst psst. Wij, ook niet de beroerdsten, snelden toe om het begeerde artikel voor haar te pakken. Mijn gesprekspartner is wat langer dan ik en zij kon er dus het beste bij. Het had nog even wat voeten in de aarde voor de juiste bus aangegeven was, want ze wilde die van het huismerk en het moest ook nog het gewenste geurtje hebben. Logisch. Uiteindelijk was ze tevreden en ze mompelde iets waar wij klakkeloos van aannamen dat dat dank je wel was. Wij knikten en lachten nog maar eens en hervatten ons gesprek.
Dat was van korte duur want ineens klonk daar weer het psst psst. Wij keken op en wat bleek; de aangereikte bus deed het niet. Dat was niet zo raar want er zat een plastic beveilingskapje op waarvan eerst een randje losgetrokken moest worden om de bus te laten spuiten. Dat is natuurlijk niet zo handig midden in een gangpad maar hoe leg je uit in het Turks of Marokkaans of Afghaans dat het logisch is dat hij het niet doet. Dat probeerden wij door het haar te met gebarentaal uit te leggen. Dat lukte niet erg. Mevrouw keek ons aan alsof we gek geworden waren. Zo stonden wij daar tussen de toiletrollen en de luchtverfrissers te hannesen. Opeens was mijn vriendin het zat greep de huismerkbus uit de handen van de dame, zette die op de plank terug en pakte een andere bus. Dat was geen huismerk, maar spoot direct na de eerste druk op de knop. De ogen van de bejaarde dame begonnen te glimmen, de tandeloze mond vertoonde een stralende dankbare lach en na enig gemompel en vriendelijk geknik onder het flink spuiten van de luchtverfrisser, schuifelde ze naar de kassa. Ons in de wolk van luchtverfrisser achterlatend. Wij voelden ons hele pieten na onze goede daad, want wie heeft er niet van zijn moeder geleerd dat je oude vrouwtjes altijd moet helpen en gingen weer over tot het uitwisselen van de belangrijke nieuwtjes over ons kroost.
Op weg naar huis haalde ik de oude dame in en weer lachte ze vrolijk en stak haar duim naar me op. Thuis gekomen vroeg mijn echtgenoot verbaasd waarom ik zo lang weggeweest was voor dat ene boodschapje en hoe het kwam dat ik een uur in de wind stonk naar luchtverfrisser. Leg dat maar eens uit!
zaterdag 29 augustus 2015
Vreugde en Verdriet
Dat is akelig thuiskomen hoor, na vier prachtige, warme dagen in Parijs, als je merkt dat je laptop je zo gemist heeft dat hij het hoofd voor altijd laat hangen. Nu was hij in laptopjaren al best bejaard, maar ondanks dat hadden wij het leuk en viel het afscheid me zwaar. "Groot" verdriet dus.
Gelukkig heb ik nog een zoon wiens hobby bestaat uit alles wat met computers te maken heeft. Hij is inmiddels volwassen, woont wel nog thuis en ik mopper regelmatig over de rotzooi in zijn kamer, maar nu bleek die zooi nog nuttig te zijn.
Want denk aan de winkel van Malle Pietje uit de Swiebertje serie en denk dan in plaats van ouwe meuk aan computerspullen. Wat vond mijn kind ergens in de spelonken van zijn kamer? Juist nog een laptopje. Ook deze was redelijk bejaard, maar deed het nog en met wat botox en een extra vitamientje bleek hij het nog goed te doen. Ziehier het resultaat. Lastig is het hoor om zonder laptop te zitten want even op facebook of op twitter neuzen is er niet bij, laat staan een blogje schrijven of het weerbericht checken. Dan kom je er ook pas achter hoe vaak je dat weerbericht wel niet checkt. Het is eigenlijk belachelijk dat er zoveel tijd mee gemoeid gaat. In mijn laptop loze periode heb ik een trui afgebreid en wel drie boeken uitgelezen.
Toch ben ik blij dat ik weer online ben, want deze week bleek het nodig om wat vaker thuis te werken en dan is een werkend laptopje zeker handig. Dit verdrietje werd dus al snel omgezet in vreugde.
Gisteren was er nog meer vreugde, want onze dochter werd 18. Tijd om even te mijmeren over de afgelopen 18 jaar waarin dat lieve kleine babietje opgroeide tot een prachtige jonge vrouw die stevig in haar schoenen staat en weet wat ze wil en daar ook voor gaat. Ook tijd om toch even verdrietig te zijn omdat mijn moeder deze mijlpaal van 18 jaar niet meer mee maakt. Zo'n trotse oma was ze toen ze haar kleindochter geboren zag worden. Ik zie haar nog staan aan het voeteneind van mijn bed, om me aan te moedigen en te steunen bij de bevalling. Prachtige herinneringen dus met een lach en een traan.
Gelukkig was er ook tijd voor het hier en nu, want het zit erop. Nu onze jongste voor de wet ook volwassen is geworden zitten mijn opvoedtaken erop. Het is gedaan, het is klaar!
Dat betekent natuurlijk niet dat ik haar en haar broer aan hun lot zal overlaten. Natuurlijk niet, ik zal met raad en daad voor ze klaar staan, maar niet meer altijd. Ze moeten die raad en daad zelf willen, want ik wil niet zo'n bemoeizuchtige moeder zijn die op ieder wissewasje reageert en zich overal mee bemoeit en het altijd het beste weet. Nee hoor en mocht ik dat per ongeluk toch eens een keertje doen, dan zijn ze gerechtigd om me dat haarfijntjes te vertellen. We moeten natuurlijk wel veel van elkaar blijven houden.
Er is dus een nieuwe fase aangebroken en hoe dat allemaal zal gaan lopen dat zien we wel. Die nieuwe rol van moederen aan de zijlijn zal best even wennen zijn, maar dat komt best goed. En om me op deze nieuwe rol voor te bereiden ga ik eerst maar eens naar de kapper. Want middelbaar is prima, maar grijs haar komt er bij vooralsnog niet in!
Gelukkig heb ik nog een zoon wiens hobby bestaat uit alles wat met computers te maken heeft. Hij is inmiddels volwassen, woont wel nog thuis en ik mopper regelmatig over de rotzooi in zijn kamer, maar nu bleek die zooi nog nuttig te zijn.
Want denk aan de winkel van Malle Pietje uit de Swiebertje serie en denk dan in plaats van ouwe meuk aan computerspullen. Wat vond mijn kind ergens in de spelonken van zijn kamer? Juist nog een laptopje. Ook deze was redelijk bejaard, maar deed het nog en met wat botox en een extra vitamientje bleek hij het nog goed te doen. Ziehier het resultaat. Lastig is het hoor om zonder laptop te zitten want even op facebook of op twitter neuzen is er niet bij, laat staan een blogje schrijven of het weerbericht checken. Dan kom je er ook pas achter hoe vaak je dat weerbericht wel niet checkt. Het is eigenlijk belachelijk dat er zoveel tijd mee gemoeid gaat. In mijn laptop loze periode heb ik een trui afgebreid en wel drie boeken uitgelezen.
Toch ben ik blij dat ik weer online ben, want deze week bleek het nodig om wat vaker thuis te werken en dan is een werkend laptopje zeker handig. Dit verdrietje werd dus al snel omgezet in vreugde.
Gisteren was er nog meer vreugde, want onze dochter werd 18. Tijd om even te mijmeren over de afgelopen 18 jaar waarin dat lieve kleine babietje opgroeide tot een prachtige jonge vrouw die stevig in haar schoenen staat en weet wat ze wil en daar ook voor gaat. Ook tijd om toch even verdrietig te zijn omdat mijn moeder deze mijlpaal van 18 jaar niet meer mee maakt. Zo'n trotse oma was ze toen ze haar kleindochter geboren zag worden. Ik zie haar nog staan aan het voeteneind van mijn bed, om me aan te moedigen en te steunen bij de bevalling. Prachtige herinneringen dus met een lach en een traan.
Gelukkig was er ook tijd voor het hier en nu, want het zit erop. Nu onze jongste voor de wet ook volwassen is geworden zitten mijn opvoedtaken erop. Het is gedaan, het is klaar!
Dat betekent natuurlijk niet dat ik haar en haar broer aan hun lot zal overlaten. Natuurlijk niet, ik zal met raad en daad voor ze klaar staan, maar niet meer altijd. Ze moeten die raad en daad zelf willen, want ik wil niet zo'n bemoeizuchtige moeder zijn die op ieder wissewasje reageert en zich overal mee bemoeit en het altijd het beste weet. Nee hoor en mocht ik dat per ongeluk toch eens een keertje doen, dan zijn ze gerechtigd om me dat haarfijntjes te vertellen. We moeten natuurlijk wel veel van elkaar blijven houden.
Er is dus een nieuwe fase aangebroken en hoe dat allemaal zal gaan lopen dat zien we wel. Die nieuwe rol van moederen aan de zijlijn zal best even wennen zijn, maar dat komt best goed. En om me op deze nieuwe rol voor te bereiden ga ik eerst maar eens naar de kapper. Want middelbaar is prima, maar grijs haar komt er bij vooralsnog niet in!
Abonneren op:
Posts (Atom)
